1.zon maakt water warm – verdampen zeewater en rivierwater (vloeibaar wordt gas) 2.waterdamp stijgt – koelt af – kleine waterdruppels vormen wolken – waterdruppels te zwaar uit de wolk vallen (regen, sneeuw, hagel)
Soorten neerslag:
mist – dauw – stortregen – sneeuw – hagel – motregen – ijzel
De waterkringloop
water vaste vorm: ijs
water vloeibare vorm: stromend water (rivieren, zee, vijvers, regenwater)
water in gasvorm: waterdamp
kookpunt water: 100°
vriespunt water: 0°
