Bij een van de proefjes draaiden we een knikker in een glas rond.
De knikker ging naar omhoog en draaide tegen de wand.
Zo is er ook een kermisattractie waarbij je deze “middelpuntvliedende kracht” kan beleven.
In de Rotor word je tegen de wand gedrukt wanneer de cilinder snel draait en de vloer naar beneden (weg onder je voeten) gaat.
Waarom val je niet om tijdens het fietsen?
Zesdaagse van Gent in ’t Kuipke (velodroom baanwielrennen).
De maximumsnelheid kan oplopen tot 75 km/u.
Baanwielrennen
De banen van een velodrome zijn gemaakt van: hout, asfalt of beton.
Ze zijn rond de 200 m, 300 m of 333,33 m lang.
Hun bijzonderheid ligt in de helling van de bochten, verhoogd tot 40 graden.
Je hebt een speciale fiets nodig.
In de bocht hang je schuin.
De fiets zou loodrecht op de baan blijven staan bij de juiste snelheid.
Bij te weinig snelheid ga je te rechtop en glijd je naar beneden.
De minimale snelheid om goed door de bocht te gaan is rond de 38 km/u.
De blauwe strook (ook Côte d’Azur genoemd) is het deel van de houten baan dat nog niet zo schuin is als de rest.
Het wordt gezien als de in- en uitvoegstrook van de wielerbaan.
Door de snelheid heb je dus ook de middelpuntvliedende kracht.
Lotte Kopecky had samen met haar coach een en ander berekend.
Hier zie je het filmpje SPORZA.
Op deze website berekenen ze het ook. Wel ingewikkeld hoor.
ZILL doelen
Nieuwsgierig zijn naar en bereidheid tonen om het nieuwe te ontdekken en erover te leren
https://zill.katholiekonderwijs.vlaanderen/#!/leerinhoud/IV/oc/1
Exploreren en experimenteren in de wereld rondom zich
https://zill.katholiekonderwijs.vlaanderen/#!/leerinhoud/IV/oc/2
onderzoeksvragen formuleren
https://zill.katholiekonderwijs.vlaanderen/#!/leerinhoud/IV/oc/3
Alleen en met anderen kritisch reflecteren op ervaringen en bevindingen en daaruit leren
https://zill.katholiekonderwijs.vlaanderen/#!/leerinhoud/IV/oc/4
Informatiebronnen hanteren
https://zill.katholiekonderwijs.vlaanderen/#!/leerinhoud/IV/oc/5